Dagboek van een chirurg: “Blote Voeten”

     “Ik voel het verkoelende water van de kleine golfjes van de branding aan mijn tenen knabbelen. Hier zijn geen kleine visjes die al luchtbelletjes happend op mijn huid kriebelen zoals in de heldere blauw zee elders in de wereld. Hier golft alleen het grijsgroene water van de Noordzee. De zon verwarmt mijn rug zoals ik dat gewend ben. Er woedt immers een hittegolf door Nederland. Ik draai me om en loop terug naar de duinenrij terwijl ik probeer de scherpe randjes van de achtergebleven schelpen in de vloedlijn zoveel mogelijk te ontwijken. Het droge hete zand is mijn volgende belager. Als ik veilig op mijn handdoek ben geland laat ik de wind mijn voeten verkoelen. Zoutkristallen en kleine zandkorreltjes hechten zich aan mijn bruine onderbenen.

 

In kijk naar mijn tenen en realiseer me dat de schade die ik vorig jaar aan mijn voeten had aangericht, met mijn pelgrimage van 1100 kilometer, prachtig genezen is. Het is heerlijk zo buiten te zijn: de zon, het zout en de wind te voelen. Geen beschermende lagen tussen mij en de buitenwereld. Zo is het ook met mijn hart vergaan. In de afgelopen jaren heb ik steeds meer beschermende pantsers rond mijn hart verwijderd. Daardoor komt zowel de schoonheid als de lelijkheid van het leven meer binnen. Zwart en wit, donker en licht, zon en schaduw. En ik geniet ervan. Ik geniet van de intensiteit, de echtheid, de uitdagingen en het avontuur dat het me brengt.

 

Ik zet mijn zonnebril op en pak het boek “Barefoot doctor, Handboek voor Helden, een spirituele gids om rijk en beroemd te worden”. “Blotevoetendokters zijn”, zo lees ik, “nederige wezens, meestal van het vrouwelijk geslacht, die letterlijk op blote voeten rondzwerven in Zuidoost Azië”. Zij zijn meestal in staat hun patiënten te helpen zonder gebruik te maken van instrumenten met niets anders dan de energie die uit hun handen stroomt”.
Ik grinnik en denk aan de tijd dat ik met mijn rugzak door Azië reisde en bedacht dat ik dokter wilde worden zodat ik overal ter wereld mijn geld zou kunnen verdienen door met mensen te werken. Zo zou ik van mijn passies mijn werk kunnen maken.

 

Tijdens mijn opleiding tot chirurg leerde ik mijn hart te pantseren. In die opleiding werd het niet hebben van emoties gelijkgesteld met professionaliteit en ik wilde niets liever dan een professionele dokter worden.

 

Gelukkig is er in de huidige artsenopleiding ruimte voor reflectie op de eigen emoties. Sterker nog, in het raamplan artsenopleiding 2009 staat in eindtermen voor professioneel gedrag dat de Bachelor Geneeskunde, zeg maar de afgestudeerde basisarts, “reflecteert op het eigen gedrag en de onderliggende dynamiek ervan met als trefwoorden zelfobservatie, inzicht verwerven in eigen emoties, motivatie, cognities inclusief waarden, normen, vooroordelen, de persoonlijke ontwikkelingsgeschiedenis ervan en het effect ervan op het eigen gedrag”.

Ik ben benieuwd of de uitkomst van het wetenschappelijk onderzoek naar de hoeveelheid aanwezige empathie bij studenten aan de medische faculteit nu zal gaan veranderen. Nu is het nog zo dat eerstejaars geneeskunde studenten over een bovengemiddelde mate van empathie beschikken in vergelijking met leeftijdsgenoten. De empathie van studenten geneeskunde blijkt echter tot ver onder het gemiddelde gedaald te zijn aan het einde van de opleiding.

Daarnaast vraag ik me af of studenten ook geleerd krijgen hoe ze om moeten gaan met emoties als ze straks in hun behandelkamer slechts zeven tot tien minuten per patiënt zullen hebben. Respectvol omgaan met emoties vraagt immers tijd en aandacht voor de ander en jezelf.

 

Ik rek me uit en voel dat de zon mijn rug begint te verbranden. Teken om weer aan het werk te gaan. Mijn boek vraagt om verder geschreven te worden.”